Fauna

Wolf
Canis lupus
Meerkoet
Fulica atra - eurasian coot
Uiterlijk:
Lengte 38 cm
Vleugellengte 22 cm
Gewicht 800 g

Biotoop:
 ...
Grijze eekhoorn
Sciurus carolinensis - grey squirrel
Uiterlijk:

Kopromp 23-29 cm

Gewicht 400-720 g


 ...
 
 
 

Brandgans

Branta leucopsis - barnacle goose
 
Uiterlijk:

Lengte:     ± 58 tot 70 cm

Spanwijdte: ± 120 tot 140 cm


 
Biotoop en leefwijze:

Het belangrijkste gebied voor de Brandgans is de Noordelijke Delta: de daar in 2005 getelde populatie besloeg ruim de helft van de populatieschatting voor geheel Nederland. Dit komt waarschijnlijk door de afwisseling aan eilanden die als broedhabitat dienst doen terwijl er gefoerageerd kan worden in de omliggende kort-begraasde graslanden, die zeer eiwitrijk zijn.


Broedplaatsen bevinden zich grotendeels op eilanden, maar in Nederland is dit minder strikt dan in eveneens recent gekoloniseerde broedgebieden in Estland en Zweden. Op eilanden zijn ganzen veilig voor landpredatoren zoals de vos. Landpredatoren zijn in Nederland minder van belang dan in deze noordelijke gebieden. Brandganzen die op het land broedden (Noord en Zuid-Holland) zaten veelal in weilanden tegen slootranden aan. Nesten van Brandganzen liggen, net als bij de Grauwe Gans, in besloten vegetatie (riet, struweel, moerasbos), maar worden daarnaast ook op kale (zand) grond aangetroffen.


Brandganzen foerageren vrijwel alleen daar waar kort gras beschikbaar is. Opgroeigebieden worden dan ook altijd begraasd door rundvee of halfwilde grazers. In de Noordelijke Delta bevinden Brandganzen zich tijdens de broedtijd (april-juni), in tegenstelling tot Grauwe Ganzen, vrijwel niet op binnendijks gelegen gras- of akkerlanden. Het korte gras, waaruit het dieet van de Brandgans bestaat, is namelijk voldoende voorhanden op de buitendijks gelegen schorren. Brandganzen hebben opgroeigebieden die over het algemeen verder van de broedplaatsen verwijderd liggen dan die van Grauwe Ganzen. Ondanks dat het grootste percentage in 2005 binnen 200 meter lag van het broedhabitat, kon incidenteel het opgroeihabitat meer dan 10 kilometer van het broedhabitat af liggen. Jongen zijn namelijk snel na het uitkomen van de eieren al in staat om zwemmend vele kilometers af te leggen.


Niet-broedende Brandganzen worden in de Noordelijke Delta vrijwel alleen waargenomen op buitendijks gelegen graslanden nabij water. Deze graslanden waren allen begraasd door halfwilde grazers. Pas als de rui is voltooid verplaatsen de vogels zich ook naar binnendijkse terreinen. Omdat Brandganzen in het Deltagebied zich tijdens de rui in juli nabij open water bevinden en foerageren op korte vegetatie zijn zij, in tegenstelling tot Grauwe Ganzen, goed zichtbaar. In polders en binnenwateren kunnen de ganzen echter ook in het riet of andere lange vegetatie zitten, waardoor zij plaatselijk minder goed zichtbaar zijn.


 
Ruiperiode:

Half juni ‐ begin augustus


 
Broedwijze:

Semikoloniaal ‐ koloniaal

De Brandgans is een koloniebroeder. In de kolonie op de Beeninger Slikken in het Deltagebied lagen de nesten zelfs niet verder dan 2 meter van elkaar, waardoor er een hogere weerbaarheid tegenover potentiële predatoren ontstaat. Volgens het Faunabeheerplan Zomerganzen Zuid‐Holland broedt deze soort semi‐koloniaal tot koloniaal.


 
Voortplanting:

Aantal legsels: 1 per jaar

Aantal eieren: 4-6 wit- of geelachtige eieren

Broedduur: 24-26 dagen

Broedperiode: begin april ‐ eind juni

Brandganzen broeden in Nederland vanaf half april tot ver in juni. In het Deltagebied vindt de eerste eileg plaats omstreeks 10/11 april  en de laatste eieren worden gelegd eind mei . Opmerkelijk aan de Brandganzen in het Deltagebied is de vroege start en de uitgestrekte periode van de broedcyclus. De in Nederland broedende Brandganzen blijken ruim een maand eerder te beginnen met de eileg dan hun soortgenoten in de Arctische broedgebieden


 
Voedsel:

Het voedsel van de brandgans bestaat uit gras, twijgjes, knoppen en zaden; ?s winters soms ook zeekreeftjes en weekdieren.


 
Voorkomen in Nederland:

Brandganzen komen voornamelijk voor in de Noordelijke Delta.


 
Schadebestrijding:

Een aantal provincies verleent ter voorkoming van schade aan landbouwgewassen ontheffingen voor het doden van overzomerende brandganzen. In het seizoen 2005/06 werden 854 brandganzen geschoten, in 2007/08 bedroeg dat aantal 2382 stuks. Het merendeel van het afschot vindt plaats in Zuid-Holland, waar ook de grootste aantallen broedvogels voorkomen.


 
Bronnen:

· de Boer, V, & H.P. van der Jeugd (2007) Zomerganzen in het Deltagebied in 2007. SOVON monitoringrapport 2007/02. SOVON Vogelonderzoek Nederland, Beek-Ubbergen.

· van Dorst, N. (2011). Teldata en methode voor overzomerende ganzen in Nederland - Opzoek naar een optimale datum en methode voor een landelijke KNJV telling. Wageningen, Stagerapport, Wageningen University.

· van der Jeugd, H.P., Arisz, J. & M. Schouten (2006). Broedbiologie van brandganzen op de Hellegatsplaten in 2005 en verspreiding buiten het broedseizoen. Rapport uitgegeven in eigen beheer, Groningen.

· van der Jeugd H.P., Voslamber B, van Turnhout C., Sierdsema, H., Feige, N., Nienhuis, J. & K. Koffijberg, (2006a) Overzomerende ganzen in Nederland: grenzen aan de groei? Sovon-onderzoeksrapport 2006/02. SOVON Vogelonderzoek Nederland, Beek-Ubbergen.

· Lensink, R. & J. de Fouw (2010) Faunabeheerplan zomerganzen Zuid-Holland: Regioplan Noordelijke Delta. Rapport nr. 09-122. Provincie Zuid-Holland & FBE Zuid-Holland

· Lensink, R., van Horssen, P. & J. de Fouw (2010) Faunabeheerplan zomerganzen Zuid-Holland: Hoofddocument bij zeven regioplannen. Rapport nr. 09-115. Provincie Zuid-Holland & FBE Zuid-Holland.

· Meininger, P.L. (2002) Brandgans Branta Leucopsis. p. 106-107 in Sovon (red.) Atlas van de Nederlandse broedvogels. De Nederlandse fauna, dl V. Naturalis/KNNV, Leiden, Utrecht.

· Montziaan, M.G.E. & Siebenga, S. (2010). Wbe-Databank ? populatie- en afschotcijfers. Nieuwsbrief 8. Amersfoort, Koninklijke Nederlandse Jagers Vereniging.

· ?ťastný, K. (1991). Watervogels. Lisse, Rebo Productions.

· Tolkamp, W. & J.A. Guldemond (2007a) Monitoring Zomerganzen: Plan van Aanpak voor een jaarlijkse integrale telling in Zuid-Holland. CLM Onderzoek en Advies, Culemborg

 
 
 
 
Disclaimer   Sitemap   Privacy   © wididi.com 2014